Verantwoorde wereldwijde ketens: Van ‘Compliance’ naar ‘Due Diligence’

Verantwoorde wereldwijde ketens: Van ‘Compliance’ naar ‘Due Diligence’

Van alle EU-landen is Nederland met een aandeel van dertig procent de belangrijkste importeur van fruit afkomstig van buiten de EU. De top-3 meest geïmporteerde producten, uitgedrukt in omzet, zijn druiven, banaan en avocado. De importwaarde van verse aardappelen, groenten en fruit (AGF) was in 2019 bijna 8 miljard euro, en vertegenwoordigt daarmee ongeveer 60% van de Nederlandse exportwaarde aan AGF-producten. De exportwaarde van bloemen en planten was anno 2022 iets meer dan 7 miljard euro, met circa 1 miljard euro aan importwaarde. Nederland is hierdoor in staat om jaarrond een volledig kwalitatief hoogwaardig assortiment aan te bieden. De luchthaven van Schiphol en de haven van Rotterdam functioneren als logistieke draaischijven voor deze importstromen.

Onder toenemende druk van belanghebbenden hebben belangrijke bedrijven in wereldwijde toeleveringsketens hun inspanningen opgevoerd om te voldoen aan gereguleerde en vrijwillige programma’s waarin productkwaliteit in brede zin centraal staat. Productkwaliteit omvat niet alleen de intrinsieke eigenschappen die worden ervaren tijdens de consumptie of het gebruik van het product, maar ook een bredere ervaring van de consument en andere betrokkenen, waarbij duurzaamheidsaspecten omtrent milieu- en sociale dimensies een rol spelen.

Een belangrijk aspect is kwaliteitsborging. Voor intrinsieke productkenmerken komt dit meestal neer op certificering van productkwaliteit. Voor landbouwproducten is dit meestal sterk gereguleerd, gecontroleerd en gehandhaafd. In onze eerste use case kijken we naar fytosanitaire certificering voor internationale handel in landbouwproducten. Productkenmerken die niet intrinsiek zijn karakteriseren meestal de processen waarbij het product betrokken is geweest. Relevante kenmerken zijn dan de milieu- en sociale prestaties van deze processen. In onze tweede use case bestuderen we de herkomst van producten en de bijbehorende certificering, ook voor de internationale handel in landbouwproducten. Om snel praktische invulling te geven aan onderzoek naar het op grotere schaal toepassen van bestaande bewezen bottom-up aantoonbaarheid van bepaalde indicatoren/ streefwaarden in een operationele setting (denk aan emissiecijfers, vertraging in het transport, ETAs, kwaliteit van producten, herkomst van producten, etc.) binnen een echte end-to-end supply chain, bouwt het project voort op een tweetal voorgaande, succesvolle TKI onderzoeken om de toepassing van digitale innovatie door bedrijven binnen de SCL-sector te stimuleren. Deze twee use cases zullen direct vanaf de start van het project verder doorontwikkeld worden, dit betreft 1) uitwisseling fytosanitaire data en certificaten en 2) vergroening en digitalisering van internationale AGF, bloemen en planten stromen.

Hoewel certificering van intrinsieke productkenmerken een langere geschiedenis van regelgeving en certificering heeft, heeft de certificering van niet-intrinsieke productkenmerken de afgelopen twee decennia een spectaculaire groei doorgemaakt. Daarnaast wordt in hoog tempo regelgeving ontwikkeld om de certificering van niet-intrinsieke productkenmerken vast te leggen in gereguleerde en opgelegde programma’s. Beide soorten certificeringen zijn pas recentelijk begonnen te transformeren naar gedigitaliseerde processen.

De verwachting is dan ook dat het gebruik van data en algoritmen exponentieel zal groeien en supply chains steeds complexer worden. Het is dan ook van groot belang voor de concurrentiekracht van de SCL-sector dat bedrijven de kansen van digitalisering en data science weten te benutten. Het mkb heeft speciale aandacht nodig, aangezien de meeste SCL-operators in Nederland (en de Europese Unie) mkb’s zijn met beperkte ICT-mogelijkheden en investeringsbudget. Dit geldt ook voor de AGF en bloemen en planten ketens.
Het consortium zal zorgdragen voor de kennisdisseminatie aan geïnteresseerde stakeholders rond deze twee use cases, en zo verdere verspreiding van de innovaties in de sector te faciliteren. Binnen dit werkpakket zal ook praktische aansluiting gezocht worden bij eerder onderzoek zoals AGF-Chain1, met fytosanitaire certificering van uien richting het Verenigd Koninkrijk als kansrijke use case.

https://td.floricode.com/Projecten/Blockchain

Tot slot zal nader onderzoek gedaan worden naar de financiële impact (business-case) van het gebruik van moderne data science technologie en het digitaliseren van bedrijfsprocessen.

Dit initiatief van onder andere RSM, WUR en BlockLab onderscheidt zich verder vanwege de hoge mate van internationale samenwerking met vergelijkbare initiatieven zoals het Britse Ecosystem of Trust2 en Trademark Africa’s Trade Logistics Information Pipeline (TLIP)3 . Door telkens nieuwe data-elementen toe te voegen is het mogelijk om steeds beter inzicht te krijgen in de prestaties binnen een end-to-end supply chain setting. Tevens kan ook zo praktische invulling worden gegeven aan onderzoek naar het laagdrempelig beschikbaar stellen van plug&play oplossingen voor het mkb. Tenslotte neemt dit project ook expliciet de financiële stromen binnen de verschillende ketens mee.

Op de langere termijn zullen de resultaten van het project leiden tot:
• Een grotere concurrentiekracht van de SCL-bedrijven in Nederland door meer en betere datadeling voor ketenregie en het toepassen van moderne data-science technologie.
• Ondersteunt de transitie naar duurzame, inclusieve en weerbare end-to-end waardeketens.
• Toegevoegde waarde van ketenregieactiviteiten: €75 miljoen (digital twin case) + €15,3 miljoen fytosanitaire case = €90,3 miljoen. Zie individuele use-cases voor de onderbouwing.
• CO2-reductie: 55 miljoen kilogram over 10 jaar. Zie individuele use-cases voor de onderbouwing.

Facts & Figures

Partners in dit project zijn:
Annone Deep Tier Impact Finance BV
Groentenfruithuis
Docklab
Hogeschool Windesheim
Port of Rotterdam
Universiteit Wageningen
Rotterdam School of Management
Cargoledger